25. RECHTEN EN PLICHTEN VAN OUDERS  / VERZORGERS , LEERLINGEN EN BEVOEGD GEZAG

 

*   De school valt met ± 40 andere scholen onder het bestuur van de Stichting Bijzonder Onderwijs Zuid-Limburg (SBOZL).

   Correspondentie adres: Postbus 12 ,  6460 AA  Kerkrade.

 

*   Het bestuur hanteert een aantal regelingen om de rechten en plichten t.a.v. ouders / verzorgers en leerlingen te garanderen.

 

De klachtenregeling op onze school

 

Inleiding:

In het basisonderwijs werken mensen, die het beste voor hebben met leerlingen, ouders of verzorgers. Iedereen die op school leert en werkt heeft recht op veiligheid en bescherming.

Leerkrachten en leerlingen functioneren namelijk goed op school als zij zich veilig en geborgen voelen.

Daarom vinden leerkrachten en directie  van onze school het belangrijk te werken aan een veilig schoolklimaat.

Toch kan het zijn dat er strubbelingen ontstaan en dat leerlingen en ouders tekortkomingen of onzorgvuldigheden constateren op school.

In het geval dat ouders of leerlingen van mening zijn dat zij door de school tekort worden gedaan, kunnen zij op school terecht om te klagen.

Sinds 1 augustus 1998 heeft onze basisschool een klachtenregeling, die op school ter inzage ligt.

 

De klachtenregeling:

Door de klachtenregeling, die door de overheid verplicht gesteld is, krijgen ouders en leerlingen wettige mogelijkheden hun klachten aan de orde te stellen.

Onze school wil stimuleren dat ouders en leerlingen een passend gebruik maken van deze nieuwe wetgeving, omdat klachten door team en directie beschouwd worden als een hulpmiddel, een handreiking om een veilig schoolklimaat te behouden.

Veiligheid op school in de praktijk van alle dag is voor kinderen, ouders en personeel van groot belang.

 

De organisatie van de klachtenregeling:

De organisatie van de klachtenregeling is zodanig dat klagers  de garantie krijgen dat serieus naar de klachten wordt gekeken. Dit is in eerste instantie de taak van een tweetal personeelsleden. Deze personeelsleden zijn de contactpersonen en zorgen voor de eerste opvang van de klager en informeren, coördineren en bemiddelen.

Als de contactpersoon niet in staat  is de kwestie op te lossen dan kan een beroep worden gedaan op een onafhankelijke externe vertrouwenspersoon die door het bestuur van de school is aangesteld. Deze vertrouwenspersoon probeert een oplossing voor het probleem te vinden.

De vertrouwenspersoon is ook in staat de klager te begeleiden om de klacht schriftelijk aan het bestuur of officiële klachtencommissie voor te leggen.

De klachtencommissie is in dit kader de instantie voor hoger beroep.

De personele invulling van de klachtenregeling

* De contactpersonen van onze school zijn: mevr. M. Haagmans (leerkracht onderbouw), mevr. J. Kruijssen (administratie),

 

* De vertrouwenspersonen: Mevr. J. Franken (tel. 045-5711327),  dhr. T. Geraedts (tel. 045-5412591)

 

* Bestuur:      Stichting Basisonderwijs Zuid-Limburg

  Secretaris:  Mevr. I.J.A. van Leeuwenstein-Bremen

                      Heyendahllaan 64

                      Postbus 12

                      6460 AA Kerkrade

                      tel.nr. 045-5466950

 

* Klachtencommissie Katholiek Onderwijs, Postbus  82324, 2508 EH Den Haag

 

* Klachtmelding Inspectie:

Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld.

Meldpunt vertrouwensinspecteurs:

Tel: 0900-1113111 ( lokaal tarief)

 

Schorsen en verwijderen

Een leerling kan wegens wangedrag verwijderd worden van de school waar hij is ingeschreven. De beslissing berust bij het bevoegd gezag. Definitieve verwijdering van een leerplichtige leerling mag pas plaatsvinden nadat het bevoegd gezag ervoor heeft gezorgd dat de leerling elders wordt toegelaten. Elders wil in dit verband zeggen, een basisschool,  een speciale school voor basisonderwijs, een school voor voortgezet onderwijs of instellingen voor vormingswerk voor jeugdigen. Indien aantoonbaar gedurende acht weken zonder succes is gezocht naar  zo’n school, kan tot verwijdering worden overgegaan.

 

Op onze school zijn bij wangedrag, de procedure regels van art. 63 WPO van toepassing d.w.z.:

- de ouders worden gehoord over het voornemen tot verwijdering;

- gemotiveerd, schriftelijk besluit waarbij wordt gewezen op mogelijkheid om bezwaar in te dienen;

- ouders kunnen binnen zes weken bezwaarschrift indienen;

- het bevoegd gezag is verplicht om de ouders te horen over het bezwaarschrift;

- het bevoegd gezag moet binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift beslissen.

Als de ouders een bezwaarschrift indienen worden zij dus twee keer gehoord: voor en na de beslissing.

 

Een kind kan ook verwijderd worden als de school constateert dat zij onvoldoende is toegerust op de specifieke problematiek van het kind en dat het kind een andere zorg behoeft.

Indien ouders een andere mening zijn toegedaan volgt een second opinion via de regionale indicatie commissie. School en ouders accepteren deze second opinion. Het advies van de indicatiecommissie is voor beide partijen bindend, hetgeen vervolgens resulteert in een mogelijk definitieve verwijdering op het moment  dat er plaats is op de geadviseerde school.

 

Toelating

( zie toelatingsbeleid hoofdstuk 6)

 

Ouderparticipatie

 

Onze school verschaft de ouders van onze school, conform vastgelegd in art. 44 WPO, de gelegenheid om werkzaamheden voor de school en het onderwijs te verrichten. De ouders moeten daarbij wel de aanwijzingen opvolgen van de directeur en het onderwijzend personeel.

Bij ondersteunende werkzaamheden kan onder andere gedacht worden aan activiteiten voor excursies, toneelstukken, schoolbibliotheek, documentatiecentrum en schoolkrant.

 

In artikel 45 WPO is vastgelegd dat het bevoegd gezag leerlingen in de gelegenheid stelt, onder toezicht, de middagpauze in het schoolgebouw en op het terrein van de school door te brengen. Het is in principe een taak van de ouders om de overblijfmogelijkheid te organiseren.  Het bevoegd gezag kan echter de overblijfmogelijkheid zelf organiseren, hetgeen momenteel door de school geschiedt.

 

Uit de wetsgeschiedenis van deze bepaling blijkt duidelijk dat het organiseren van het overblijven geen taak is van het onderwijzend personeel. De taak van het bevoegd gezag strekt niet verder dan het ter beschikking stellen van het gebouw in de middagpauze. Niettemin organiseert het onderwijzend personeel op basis van vrijwilligheid de overblijfmogelijkheid.

 

 

Informatieverschaffing aan (gescheiden) ouders

 

Ouders hebben het recht om geïnformeerd te worden door de school over de vorderingen van hun kind op school (artikel 11 WPO). De school is krachtens de Wet op de persoonsregistratie verplicht om inzage te geven in alle gegevens die de school van het kind in het leerlingdossier bijhoudt. In deze schoolgids staat aangegeven (zie hoofdstuk 7) op welke wijze de school communicatie met de ouders onderhoudt. De inspectie toetst de schoolgids op waarheidsgehalte. De ouders kunnen op de besluitvorming over de schoolgids en het schoolplan invloed uitoefenen via de oudergeleding van de medezeggenschapsraad.

 

In de praktijk kunnen er soms problemen ontstaan met de informatieverschaffing aan gescheiden ouders, vooral als de niet met het gezag belaste ouder ook geïnformeerd wil worden over vorderingen van het kind. De school is ook verplicht deze ouder te informeren. Na een scheiding zijn in principe beide ouders belast met het gezag over het kind. Dit is alleen anders indien beide of één van de ouders verzoeken aan de rechtbank om het gezag over de kinderen aan één van hen alleen toe te kennen. Sinds 1 januari 1998 is dit wettelijk zo geregeld. Als de rechtbank ingaat op dat verzoek heeft de niet met het gezag belaste ouder het recht om bij derden die beroepshalve informatie hebben over het kind, die (belangrijke) informatie op te vragen. Onze school is een derde en zal in principe hieraan gehoor moeten geven. De informatieplicht geldt pas voor de school als ze niet met het gezag belaste ouder hier uitdrukkelijk om vraagt. De wet (art. 377c Boek 1 BW) noemt twee uitzonderingen. De informatieplicht geldt niet indien:

- de school de informatie ook niet zou verstrekken aan de wel met het gezag belaste ouder;

- het belang van het kind zich tegen het verschaffen van de informatie verzet.

 

De school zal in het laatste geval dus een afweging moeten maken. Als de school de informatie weigert kan de niet met het gezag belaste ouder een verzoek richten aan de rechtbank om alsnog te beschikken over de gevraagde informatie. De rechtbank kan de school (directeur/bestuur) oproepen om het standpunt van de school te vernemen. Bij de afweging van de school spelen onder andere de volgende factoren een rol:

-     is er een omgangsregeling met het kind getroffen?

-          de reden van weigering van het met gezag belaste ouder om zelf informatie te geven aan de ex-echtgeno(o)t(e).

 

Vrijstelling van catechese

 

De school is toegankelijk voor kinderen met alle soorten levensovertuiging. Er is wederzijds respect. De catecheselessen op de Wissel hebben een algemeen vormende informatieve achtergrond en zijn niet specifiek toegesneden op één specifieke levensovertuiging.

Kinderen van ouders, die principiële bezwaren hebben tegen deelname aan deze catecheselessen met een algemeen informatieve inhoud, worden toegestaan de catecheseles niet te bezoeken. Ze krijgen buiten de klas ander werk.

 

 

 

 

Onderwijskundig rapport

 

Voor kinderen die de school verlaten wordt door onze school een onderwijskundig rapport gemaakt. Een kopie van dit onderwijskundig rapport wordt aan de ouders uitgereikt.