De School voor Speciaal Basisonderwijs is gelegen in de regio Zuid-Oost Limburg. Deze regio is in algemene zin te omschrijven als een achterstandregio. Belangrijke kenmerken zijn werkeloosheidscijfers die boven het landelijke gemiddelde liggen (Nederland 9%, Limburg 11%, Oostelijk Zuid Limburg 14%), dubbele vergrijzing en ontgroening. Voor scholen in de regio betekenen de demografische gegevens een jaarlijkse terugloop van het leerlingenaantal van zo’n 2 %.
Huidige situatie
Naam en korte beschrijving huisvestingssituatie.
De school is op 1 augustus 1975 in Nieuwenhagen gestart als school voor speciaal onderwijs voor kinderen met leer- en opvoedingsmoeilijkheden. Als naam is de Wissel gekozen. Voor de kinderen was deze naam zo karakteristiek omdat zij door het toenmalige niveaugroepensysteem te maken hadden met meerdere wisselingen en meerdere leerkrachten.
De ouders en het personeel sprak met name de figuurlijke achtergrond van het woord wissel aan, nl. een “wissel”voor het latere leven, een wissel omzetten.
Vanaf 1998 heeft onze school in het kader van WSNS een andere status gekregen nl.: Speciale school voor Basisonderwijs.
De school heeft een dienstverlenende taak naar de BAO scholen in Landgraaf; ligt centraal in Landgraaf en is goed bereikbaar via het openbaar vervoer.
Onze school ligt centraal in de gemeente Landgraaf en heeft een dienstverlenende taak naar de Landgraafse Basisscholen. Omdat we en de enige SBO binnen onze regio zijn en daardoor een streekfunctie hebben, is er geen sprake van een specifieke wijkgebondenheid. SBO de Wissel is gelegen aan de “zgn” Zorgboulevard. In rij liggen hier: Verpleeg- en verzorgingstehuis de Dormig ( Meandergroep ); Heugderlicht- opvang – woontraining – woonbegeleiding, Rimo Parkstad; BW Dormigveld, Mondriaan Zorggroep; SBO de Wissel; Huize Op de Bies- Stichting St. Anna.
- De ouderpopulatie
De ouderpopulatie sluit qua vooropleiding aan bij de landelijke cijfers. Dat wil zeggen de ouders zijn in Limburg overwegend lager ontwikkeld (Zie wegingsfactoren bij leerlingenpopulatie).
Uit de anamnistische gegevens blijkt dat 40 – 50 % van de ouders een echtscheiding heeft meegemaakt en dientengevolge een nieuwe partner heeft dan wel een alleenstaande ouder is. Qua deelname aan het arbeidsproces zijn voornoemde aspecten reden dat er gemiddeld minder ouders samen deelnemen aan een geheel dan wel gedeeltelijk arbeidsproces.
De thuistaal is overwegend dialect, hetgeen voor de taalzwakke kinderen een extra moeilijkheid is bij het taalonderwijs.
Qua levensbeschouwing zijn de meeste ouders katholiek met een lage mate van praktiseren.
De laatste jaren constateren wij vanuit de formatiecijfers dat er een langzame groei is van allochtone leerlingen.
Uit de huisbezoeken blijkt tenslotte dat steeds meer ouders om opvoedingsondersteuning vragen.
3.4 Leerlingenpopulatie
Op basis van eigen ervaring, contacten met de IB’ers van het BAO en de aanmeldingscategorieën van de PCL is het de SBO de Wissel duidelijk dat ze te maken heeft met kinderen in zorgelijke situaties met de volgende kindkenmerken:
Eigen ervaring:
* Veel kinderen met intellectuele beperkingen en ontwikkelingsproblemen.
* Kinderen met grote leerstoornissen, vooral spraak/taal problematiek gecombineerd met gecompliceerde pedagogische problematieken.
* Kinderen die, o.a. bij conflicten, niet met hun emoties kunnen omgaan o.a. door hun beperkte verbale vaardigheden en opgelopen emotionele blokkades t.g.v. hun problematieken.
* Kinderen die enkel leven en leren in de concrete situatie.
* Kinderen die pas voelen en denken als de situatie er is en zodoende van de ene situatie in de andere rollen. Ze missen het overzicht en hebben een gebrek aan ‘transfer’.
* Kinderen die op emotioneel gebied onder invloed van ervaringen in hun milieu (thuis, school, straat) “een emotionele scheefgroei” door maken.
Ze worden meermaals geconfronteerd met o.a.:
- incest en andere seksuele mistoestanden;
- kindermishandeling;
- agressie en geweld;
- criminele activiteiten, zoals drugs;
- onmacht ouders;
- pestgedrag;
- gebroken gezinnen met elkaar bestrijdende ouders, waarin het kind in een
loyaliteitscrisis zit;
- grote eenzaamheid en geïsoleerdheid van ouders die weinig
belangstelling voor hun functioneren ondervinden;
- discriminerende en negatieve maatschappijvisie;
* Kinderen die opgroeien in gezinssituaties, waarvan ouders en/of kinderen begeleid worden (therapieën, voogdijschap, maatschappelijk werk, Riagg, Welterhof, Kinderbescherming, etc. Jeugdzorg etc.)
* Kinderen die leven in een gezinsvervangend tehuis.
3.5.1 Populatie van de school; consequenties.
Als bron voor onderstaande beschrijving van de populatie is het
jaarverslag2006 van de PCL genomen.
1. Qua geformuleerde argumenten bij het afgeven van een beschikking blijven onverminderd de volgende categorieën domineren:
- sociaal-emotioneel
- intelligentie
- werkhouding en concentratie
- gedrag
Daarnaast blijven de pedagogische problemen in de gezinnen hoog.
De spraaktaalproblematiek vormt meestal een component van de intelligentiefactor, maar kan ook specifiek zijn. Nagenoeg alle kinderen hebben leerachterstanden en/of leerstoornissen.
Cognitie:
· 50 % heeft een IQ > 80
· 50 % heeft een IQ < 80
· beperkt begrip
· beperkt abstractievermogen
· disharmonisch beeld
Didactisch:
· bij alle leerlingen was er sprake van leerachterstanden
· ondanks dat er weinig jonge leerlingen zijn aangemeld was er bij veel
leerlingen sprake van achterstanden in de leervoorwaarden.
Sociaal-emotioneel:
a. sociaal-emotionele problemen bij het overgrote deel van de leerlingen,
waarbij onzelfstandige werkhouding bij ⅔ van de leerlingen.
b. ¼ van de leerlingen vindt geen aansluiting meer bij de groep in de huidige
setting.
c. laag zelfbeeld en weinig zelfvertrouwen bij ⅓ van de leerlingen.
d. bij ¼ van de leerlingen is er sprake van niet specifiek te benoemen sociaal-
emotionele problematiek.
Ontwikkelingsstoornis:
Bij de helft van de leerlingen is sprake van een gediagnosticeerde stoornis en bij ongeveer de andere helft is sprake van een sterk vermoeden van de aanwezigheid van een ontwikkelingsstoornis, waarbij verdere diagnose nog zal moeten plaatsvinden.
Medisch
Dit kan niet systematisch bestudeerd worden in verband met het ontbreken van gegevens van de schoolarts, maar bij ¼ van de leerlingen werden wel medische bijzonderheden aangestipt.
Dit komt omdat niet alle kinderen ( rercent) gezien zijn door de schoolarts en deze gegevens dus niet in het dossier kunnen worden opgenomen.
Milieu:
· veel ouders geven aan een ander traject te willen dan de huidige
basisschool.
· bij bijna de helft van de leerlingen is er sprake van jeugdhulpverlening
en/of ouderbegeleiding.
· in een aantal gezinnen is er sprake van ernstige gezinsproblematiek.
Niet-leerling gebonden:
· alle basisscholen gaven aan niet meer voldoende adequate hulp te kunnen bieden aan het kind.
· er is bij geen enkel kind sprake van hoog onverklaarbaar schoolverzuim.
· De PCL adviseert de SBO de ingeslagen weg voort te zetten, dat wil
zeggen: een aanpak gebaseerd op pedagogische uitgangspunten en
bestaansgerichte leerdoelen.
Bij aanmelding bij de PCL voor toelating tot de SBO zijn er toetsingscriteria opgesteld. Het zal duidelijk zijn dat onze school zijn mogelijkheden en grenzen heeft. SBO De Wissel staat open voor nieuwe hulpvragen van het BAO en heeft een flexibele organisatie. Centraal voor de mogelijkheden in het SBO is altijd de vraag of de school kan voldoen aan de gewenste instructie- en ondersteuningsbehoeften van het kind.
Met de intrede van de L.G.F. en de daaraan gekoppelde Ambulante Begeleiding heeft S.B.O. de Wissel er werk van gemaakt de van buitenaf ingebrachte expertise te implementeren in de organisatie. Hierdoor zijn wij beter in staat de aan ons gestelde hulpvragen te beantwoorden en hebben wij onze grenzen met succes weten te verleggen. Concreet betekent dit het eigen maken van de problematiek op leerkrachtniveau en nascholing op schoolniveau ( bijvoorbeeld Remweg; Autisme in de klas; T.O.M. screening en T.O.M training )
3.5.2 Overige omstandigheden die beleidskeuzen beïnvloeden.
De Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL).
De PCL van het SWV is een PCL met een “smalle” taakstelling.
De voornaamste taak is de beoordelingsfunctie.
Voor deze “smalle”taakstelling is gekozen, omdat de huidige werkwijze binnen de basisscholen voldoende professionaliteit veronderstelt in het voortraject, om van daaruit een verantwoorde aanmelding bij de PCL te realiseren.
Door deze criteria te formuleren, wordt het ook duidelijk hoe de SBO in de toekomst komt uitziet .
- Advisering met betrekking tot plaatsing op een andere basisschool, indien de eigen
school de leerling niet de noodzakelijke zorg kan bieden en de leerling niet voldoet
aan de geformuleerde criteria voor de SBO.
- Bepaling van procedures en beleid bij plaatsing van een leerling op de SBO.
- Zorgen voor informatievoorziening naar ouders met betrekking tot procedures en
de zorgstructuur binnen het SWV.
- Regelingen treffen ten aanzien van de wijze waarop de ouders informatie kunnen
verschaffen aan de PCL.
- Coördinatie terugplaatsing.
- Beperkte onderzoeksfunctie (max 2 leerlingen per schooljaar). Overige taken:
- Overzicht hebben over de zorgleerlingen binnen het SWV.
- Criteria formuleren waaraan leerlingen moeten voldoen alvorens plaatsing op de
SBO mogelijk is.
De “smalle” taakstelling (enkel beoordelingsfunctie) heeft voor SBO de Wissel de consequentie dat de gegevens voor het entreeformulier van SBO de Wissel minder volledig zijn. Mogelijk kunnen nadere onderzoeken op SBO de Wissel gewenst zijn.
Bij de zorgcyclus wordt duidelijk gemaakt dat de instroomprocedure van de Wissel is aangepast, waardoor de overdracht van een “koude” in een “warme”is veranderd.
Bij de aanmelding van de leerlingen wordt het concept van de school toegelicht en komen voornamelijk administratieve zaken aan de orde. De leerling en zijn problematiek is in deze fase in feite nog een dossier en nog geen mens van vlees en bloed.( koude overdracht ) Na een periode van 6 tot 8 weken hebben wij vanuit verschillende disciplines met het kind kennisgemaakt en stellen wij samen met de ouders de centrale problematiek vast. Het dossier is tot leven gekomen. Dit is voor ons het startpunt voor verdere ontwikkeling. We gaan nu uit van onze leerling, een mens van vlees en bloed. Daarom spreken we hier van warme overdracht.
SBO de Wissel en samenwerkingsverband Landgraaf.
Het samenwerkingsverband is als collectief verantwoordelijk voor de inrichting van de integrale leerlingenzorg. Ze heeft in deze een onderwijsfunctie toebedeeld aan SBO De Wissel. De SBO verzorgt voor het SWV enkel deze onderwijsfunctie. Het onderwijs op de SBO is ingericht binnen de kaders van wet- en regelgeving en richt zich op de kinderen die vallen binnen de plaatsingscriteria van de PCL en van de PCL een beschikking ontvangen.
Alle beslissingen rond de inrichting van het onderwijs liggen bij de SBO school. de directeur/ locatieleider van de SBO is hierin primair verantwoordelijk, kan delegeren en communiceert met de coördinator van het verband over de gang van zaken.
De SBO heeft een dienstverlenende functie. Ze zal zich richten op de hulpvragen van de kinderen die door de PCL via een beschikking worden aangeboden. Voor kinderen met een leerling gebonden financiering zijn extra voorwaarden van toepassing; De toelating geschiedt met inachtneming van het toelatings- en intake protocol. (zie documentenmap)
Er zal steeds een balans moeten zijn tussen aanbod en mogelijkheden. Indien deze balans verstoord is, is overleg met het SWV gewenst t.a.v. de “aanbodkant” én t.a.v. de “mogelijkheden kant” van SBO de Wissel .
Moet de “aanbodkant” wijzigen?
Moeten de mogelijkheden c.q. zorgbreedte worden uitgebreid op de SBO door b.v. specialisatie?
Wat betekent dit voor de formatie?
Voor het Bao en de SBO is het belangrijk goed om te gaan met de betekenis en verantwoording voor en naar elkaar. Het is een voortdurend gedeelde zorg om de zorgleerlingen die op het Bao blijven en de zorgkinderen die van het Bao verwezen worden de optimale kansen te bieden binnen de mogelijkheden die we samen hebben. Nooit mag het “IK versus ANDER” denken sterker zijn dan het “WIJ” denken. Nooit mag er het gevoel zijn dat de een iets afneemt van de ander.
S.B.O. “de Wissel” is gesitueerd naast Huize Op de Bies, een tehuis voor mensen met een grote verstandelijke handicap. De werkplaats van deze mensen bevindt zich in een vleugel van onze school.
De open verbinding en de goede contacten met Op de Bies hebben ertoe geleid dat we wederzijds van elkaars diensten gebruik maken. Er worden regelmatig ( 2x per jaar ) evaluatiegesprekken gehouden.
Per 1 december 2006 zijn tevens de coördinatoren en PCL’s van de Samenwerkingsverbanden Kerkrade en Brunssum en de Ambulante Dienst in ons gebouw ondergebracht.( 1 groepslokaal en twee kantoorruimtes ) De coördinator en de PCL van het Samenwerkingsverband Landgraaf waren al op onze school ondergebracht.
Het terrein rondom de school bestaat uit 2 pleinen (een plein voor de onderbouw- en middenbouw en een plein voor de bovenbouw).
Daarnaast heeft de school de beschikking over een ruime parkeerplaats en er is de mogelijkheid gebruik te maken van het aangrenzende sportveld van het voortgezet onderwijs mits dit niet door henzelf gebruikt wordt.
De school heeft een passende groenvoorziening. de bovenbouw en kleutergroep hebben een eigen tuin. De pleinen zijn geschikt voor het uitzetten van verkeerscircuits.
Op het terrein is tevens een afgesloten fietsenstalling voor de leerlingen en een aparte overdekte fietsenstalling voor het personeel.
De school heeft 17 full-time formatieplaatsen op jaarbasis tot haar beschikking.
Het team bestaat uit 28 personen:
- 1 locatieleider/coördinator bovenbouw,
- 1 plaatsvervangend locatieleider/coördinator onder- en middenbouw ( gedetacheerd),
- 1 IB’er( 50 % gedetacheerd bij de Ambulante dienst van het SWV,
- 1 orthopedagoge,
- 13 leerkrachten,
- 1 vakleerkracht muziek,
- 2 logopedisten,
- 4 klassenassistenten,
- 2 administratieve krachten
- 2 conciërges).
Onder de 28 vaste teamleden zijn:
- 11 mannen (waaronder 1 parttimers en 10 fulltimers)
- 17 vrouwen (waaronder 11 parttimers en 6 fulltimers).
- 2 teamleden zijn tussen 20-30 jaar,
- 5 teamleden zijn tussen 30-40 jaar,
- 9 teamleden zijn tussen 40-50 jaar
- 12 teamleden zijn tussen 50 en 65 jaar.
Het schoolteam opereert de laatste 4 jaar in min of meer dezelfde samenstelling. Dit betekent een grote mate van bekendheid met en betrokkenheid bij de schoolontwikkeling. De gemiddelde leeftijd van het schoolteam bedraagt circa 47 jaar. Dit ligt ruim boven het landelijke gemiddelde van 42 jaar. Schema teamopbouw:Van de collega’s > 60 jaar nemen 3 collega’s per 1 augustus 2007 afscheid. De vierde collega in deze categorie neemt per 1 februari 2008 afscheid.
|
Leeftijdscategorie |
20-30 |
30-40 |
40-50 |
50-60 |
>60 |
|
Aantal personeelsleden |
2 |
5 |
9 |
8 |
4 |
- Positief imago van de school in het voedingsgebied en ook daarbuiten.
- Uitstekend pedagogisch klimaat. ( Inspectierapport )
- Een combinatie van Pedagogisch- en didactisch sterke leerkrachten.
- Gespreid leiderschap in de vorm van een managementteam/ kernteam
- Sfeer en inrichting van het gebouw
- Aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling
- Aandacht voor uitstapjes en excursies in relatie tot bestaansgerichte
doelen.
Zwakke punten
- Verkeersonveilige ligging.
- Inrichting speelplaats
- Pestgedrag/ omgang kinderen onderling/ veiligheid op het plein
- De beleving van veel leerlingen bij zelfstandigwerken
- Effectiviteit van vergaderingen
Kansen
- S.B.O.- S.B.O.- S.B.O. samenwerking.
- Overkoepelende S.B.O. Managementstructuur.
- Interne huisvesting SWV’s, PCL’s en Ambulante Dienst.
- Innovatieve schoolontwikkeling voortvloeiend uit de Ambulante Begeleiding.
- De principes van de Lerende organisatie en Boeiend Onderwijs.
- Groeiende professionele cultuur.
- Spreiding leiderschap door aanstelling bouwcoördinatoren en schaduw I.B.ers
en ruimte voor aanstormend talent.
Bedreigingen
- Expertiseverlies door natuurlijk verloop.
- Dalende leerlingtendens.
- (te ) late verwijzingen naar het S.B.O.
SWOT-matrix
|
S.B.O de Wissel |
Kans - Samenwerking S.B.O.’s - Overkoepelende MT structuur - Interne huisvesting SWV’s en PCL’s - Schoolontwikkeling vanuit Ambulante Begeleiding - Principes Lerende Organisatie en Boeiend Onderwijs. - Groeiende Professionele Cultuur - Kansen voor aanstormend talent |
Bedreiging - expertiseverlies door natuurlijk verloop. - Dalende leerlingentendens (te ) late verwijzingen naar het S.B.O. - Verkeersonveilige omgeving die beperkt aanpasbaar is.
|
|
Sterkte - Positief imago (regio) - Uitstekend Pedagogisch klimaat. - Goede leerkrachten. - Gespreid leiderschap Sfeer en inrichting van het gebouw - Aandacht voor sociaal- emotionele ontwikkeling - Aandacht voor uit- stapjes en excursies in relatie tot bestaans- gerichte doelen.
|
Groeien/actiepunten t.a.v. zaken die we willen uitbuiten -Implementatie van de wet B.I.O. o.a. door In te zetten op de gesprekkencyclus en de combinatie van persoonlijke en schoolontwikkeling De ontwikkelingen vanuit Boeiend Onderwijs en de lerende organisatie vertalen in bestaans- en ontwikkelingsgericht werken omvormen van het handenarbeidlokaal tot een multifunctionele ruimte. ( praktijklokaal) Symbioseonderwijs ( Eyckhagencollege ) |
Verbeteren/ actiepunten t.a.v. zaken die we willen verdedigen. In het kader van het behoud en versterken van de expertise: -Mobiliteit- en personeelsbeleid op SBO niveau Van en met elkaar leren door: gerichte collegiale consultatie versterken van clusterwerken evenwichtige opbouw van personeelsbestand |
|
Zwakte - Verkeersonveilige ligging
- Inrichting speelplaats Pestgedrag/ omgang kinderen onderling/ veiligheid op het plein De beleving van veel leerlingen bij zelfstandigwerken Effectiviteit van vergaderingen
|
Verdedigen/ actiepunten t.a.v. zaken die we willen verbeteren. - professionelere aanpak van pestgedrag bij kinderen Meer effectieve werk vormen tijdens vergaderingen. ( coöperatieve werkvormen ) In het kader van boeiend onderwijs zoeken naar coöperatieve werkvormen en het inzetten van meervoudige intel- ligentie. ( talenten ) |
Ombuigen/ actiepunten t.a.v. zaken die we willen vermijden. - Ouderenquête verkeersveiligheid. - Overleg met de gemeente en de politie. - Organiseren van Verkeersbrigade. - aanpak interne Parkeerproblematiek ( personeel interne en externe dienst )
|